The Afghan Whigs + Ed Harcourt – Paradiso, Amsterdam (28-09-2026) Een rockende band, maar een schel en onvast klinkende Dulli.

Afghan Whigs

Frontman Greg Dulli van The Afghan Whigs [openingsfoto] heeft al een loopbaan of drie, vier achter de rug. Naast The Afghan Whigs speelde hij in The Twilight Singers en The Gutter Twins. Mark Lanegan van The Screaming Trees was zijn metgezel in deze laatste formatie. Solo verscheen het album Random Desire in 2020. In Paradiso belooft Dulli na drie wat plichtmatig gespeeelde songs een wandeling door zijn gehele carrière.

In de bovenzaal van Paradiso treedt Daan op. Het Nederlandse fenomeen trekt veel jong publiek. Daan speelt nederpop met een fikse portie gitaren. Een half uur voor The Afghan Whigs mogen de bezoekers van Daan naar binnen. Dat leidt tot wat verwarring bij de mensen buiten in de rij. De medewerkers van Paradiso doen hun uiterste best, maar de verwarring bijft aanwezig. Na dertig minuten is de bovenzaal zo goed als vol en mogen de bezoekers voor The Afghan Whigs naar binnen. De hilariteit om een verdwaalde bezoekster van een concert in de Tolhuistuin is groot. “Met de pont? Ik ben met de fiets!”

Ed Harcourt @ Paradiso

De singer-songwriter Edward Henry Richard Harcourt-Smith [foto rechts] debuteert in 2001 met Here Be Monsters. Na tien studioalbums, twee ep’s en een rij singles is er een optreden voor een goedgevulde grote zaal. Ed Harcourt opent met ‘In the Embers of a Dying Flame’. Harcourt speelt countryrock en begeleidt zich zelf op piano. De Engelsman is al die jaren bard gebleven. Na twee ballades op piano is er de gitaar voor ‘Shadowboxing’. Na vijf liedjes is er bij Harcourt plek voor een nummer van Mark Lanegan. Voor ‘One Way Street’ komt Rick G. Nelson van The Afghan Whigs Harcourt helpen op viool. Het is een ontroerend terugkijken naar de muziek van Lanegan. ‘Until Tomorrow Then’ sluit af. De song eindigt in gepiel op de piano en onduidelijk geschreeuw in de microfoon. Het past bij het rafelige optreden van Harcourt.

The Afghan Whigs openen met ‘Parked Outside’ van het album Do the Beast uit 2014. De oordopjes zijn dan allang in de oren gestopt. Het geluid in de Grote Zaal is hard en schel. De stem van Dulli is daarbij allesbehalve zuiver.

Steutelnummer van de laatste langspeler Soft Control van The Afghan Whigs is de prachtige rockballade ‘My Lover’. In Paradiso wordt het nummer de boxen uitgeschopt, het geluid is hard en scherp. De band is goed, maar de stem van Dulli klinkt scherp en niet toonvast. En eigenlijk is dat de acht nummers voor ‘My Lover’ niet veel beter.

Natuurlijk zijn er fraaie momenten door de avond heen. Voorbeeld: The Doors komen even langs in ‘Son of the South’. De band geeft met groot gemak Jim Morrison een prachtige, rockende plek op het podium. ‘Duvateen’ is later een volgend hoogtepunt. De band rockt en Dulli beperkt zijn vocale inbreng.

Greg Dulli speelt naarmate de set vordert nog even met het publiek. Hij is de spreekstalmeester en kan met een knip van de vingers de band laten stoppen en weer in de juiste versnelling laten spelen. Het is een grappig intermezzo, maar ver verwijderd van spetterende rockmuziek.

Het dankwoord van Greg Dulli aan het publiek na tweeëntwintig nummers is waarschijnlijk gemeend. De bezoekers in Paradiso hebben The Afghan Whigs een fantastische avond gegegeven. Voor Greg Dulli wacht er ergens in de toekomst een revanche.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *