Aan openluchtconcerten heeft de Utrechtse muziekliefhebber deze zomer geen gebrek. Zo was in juli Paleis Soestdijk de prachtige achtergrond voor Royal Park Live. De electropioniers van Kraftwerk gaven er een boeiend optreden, en ook bijvoorbeeld Elbow en The Teskey Brothers kwamen voorbij. Een andere voormalig koninklijke locatie, Slot Zeist met een openluchttheater, is deze maand het toneel van concerten met Nederlandse artiesten als Blaudzun en Typhoon. Op een hete zomeravond treedt in de tuin van het slot een van Neerlands beste gitaarbands ooit op: Daryll-Ann.
De sfeer is ontspannen rond Slot Zeist. De locatie is prachtig: het publiek moet via een stenen trap door een statige gang richting tuin. In die gang hangen grote schilderijen van voorname personen die er ooit woonden. Het theater ligt enigszins verstopt in de grote, Engelse tuin. De eerste bezoekers zitten al op de houten banken. Niemand heeft haast; de merchandise van de band moet nog uitgestald worden. Het past bij een lome zomeravond.

Om half negen betreedt het vijftal van Daryll-Ann het podium. Ruim twintig jaar geleden ging de band uit elkaar, met als nalatenschap zes fraaie, melodieuze gitaarpopplaten met een melancholieke inslag. Uitschieters zijn de coherente albums Seaborne West (1995), Daryll-Ann Weeps (1996) en Happy Traum (1999). In 2014 volgt een heruitgave van het complete oeuvre, begeleid door een geslaagde reünietoer. Vorig jaar verscheen een nieuwe plaat: Spring. Het is een gevarieerde, vitale en bij momenten stevig klinkende toevoeging aan wat al eerder gedaan is.
Het theater is bijna uitverkocht met voornamelijk aandachtig luisterende veertigers en vijftigers, alleen aan de zijkanten zijn houten banken onbezet. Wellicht komt het door de warmte of omdat het geluid in de open lucht wat dunner klinkt dan in een concertzaal, maar Daryll-Ann heeft tijd nodig om op gang te komen onder de zomeravondzon. Zo klinken de eerste, meer uptempo nummers iets minder krachtig dan tijdens vorige optredens. Toch valt alles op zijn plaats bij een van de meest ingetogen songs van het bijna twee uur omvattende optreden: ‘Riverside’. De gebroeders Paulusma halen hierin hun gram met een gloedvolle verweving van bevlogen zang en sfeervolle toetstonen.

Het goed afgestelde geluid staat niet te hard, de partijen zijn in de open lucht goed te onderscheiden. Op die manier komt de klasse van Daryll-Ann live onomwonden naar voren: in elke song is het spel van één bandlid de meerwaarde. Zonder de som van de delen teniet te doen. Zo vormt Anne Soldaat met energiek schurende gitaarlijnen het dromerige ‘Money or Love’ om tot pakkende indiepopsong in de lijn van The Wedding Present. Coen Paulusma neemt je mee naar de jaren zestig met zijn keyboardspel in ‘Tom, Wilco and the Strange Bunch’.
Het is het een-na-laatste optreden van de toer van Spring en naarmate het concert vordert en de duisternis invalt, lijkt Daryll-Ann dat steeds meer te beseffen. Het leidt tot een indrukwekkend laatste halfuur met onder andere hechte, naar punkpop neigende uitvoeringen van ‘Stay’ en ‘Life Can Be Amazing’. Het is een passende afsluiting van een zwoele zomeravond met veel goeds: de muziek, het weer, de setting en de relaxte sfeer.

