Foto’s: Peter
“Do you guys smoke pot?” Frontvrouw Francie Medosch van Florry schreeuwt de vraag de Tolhuistuin in en antwoordt zelf. “Nah, that’s a stupid question.”

Voorprogramma Rubin Carter [foto hierboven] wordt gepresenteeerd als het soloproject van Sal Rubinstein, drummer in het Nederlandse Queens Pleasure. De naam Rubin ‘Hurricane’ Carter komt van de beroemde bokser uit de vorige eeuw. De sportman werd een aantal malen veroordeeld voor moord, maar bleef volhouden onschuldig te zijn. Bob Dylan vereeuwigde hem in de song ‘Hurricane’.
In de Tolhuistuin speelt Rubin Carter een verdienstelijk half uur rock. Rubinstein pakt zelf ook nog even een gitaar op. Er is na dertig minuten wat overbodig geleur met setlijsten en een merchandisetafel met een matig geslaagd T-shirt. Rubin Carter kan nog stappen maken.

De Amerikaanse schrijfster Betty Smith schreef in 1943 de novelle A Tree Grows in Brooklyn. Florry is een van de karakters in het boek. Het bandje Florry [openingsfoto en foto hierboven] debuteerde in 2018 met het album The Brown Bunny gevolgd door The Holey Bible in 2023. Vorig jaar verscheen de langspeler Sounds Like … Francie Medosch richtte de band als teenager op. De wortels van Florry zijn te vinden in de punkrock van de jaren tachtig van de vorige eeuw.
Florry heeft een sterke DIY-houding. De zes muzikanten zetten zelf de apparatuur op en malen niet om een soundcheck. De zaal is intussen redelijk volgelopen. De klanken van Nick Lowes ‘Born Fighter’ warmen de Tolhuistuin op. Met brede glimlachen stappen de zes van Florry het podium op. De koelkast in de kleedkamer was een goede vriend, zo lijkt het. Gitarist Joey Sullivan heeft halverwege de eerste track nog geen geluid. Hij wandelt tussen zijn voetpedalen en versterker en vindt in het openingsnummer ‘Pretty Eyes Lorraine’ zijn geluid. Over DIY gesproken. De overige vijf muzikanten spelen het nummer in een minus-één-bezettig.
Direct na het openingsliedje schakelen de zes van Florry door naar de volgende track. Er wordt een bak piepende en krakende herrie over het publiek uitgegooid. ‘Say Your Prayers Rock’ krijgt daarmee een verrassend intro. Ja, het is lawaai, de oordopjes moeten snel worden ingedaan, maar het is ook charmant kabaal. Florry staat voor luid, snoeiharde interludes en door een fikse portie alcohol aangeschoten punkrock.
Francie Medosch vindt het heerlijk om met de wetten van de muziekindustrie te spelen. ‘Never follow a slow song with a slow song, you know that”, en natuurlijk speelt de groep twee langzame nummers na elkaar. Florrie musiceert met hetzelfde plezier de liedjes ‘Rain & Beer’ en ‘Two Beers’ na elkaar. Halverwege de set is er ‘Baby Talk’ gevolgd door ‘Baby Baby’. Twee liedjes verder is er ook nog de track ‘Hey Baby’.
Als spetterende en volledig aangeschoten afsluiter is er ‘Drunk And High’. Veel toepasselijker lijkt het niet te kunnen bij het exploderende Florry. De biertjes zijn op, het wordt tijd voor de resterende geneugten in de kleedkamer. Amsterdam krijgt een grote zwaai en de zes muzkanten wankelen en wandelen van het podium.
Florry speelt een vermakelijk en bij momenten slordig concert, maar verliest nergens het contact met het publiek.
Florry








Rubin Carter






